Ik lijk Kortjakje wel deze winter. Voor de derde keer in korte tijd lig ik ziek en met koorts op bed. Eerst hoop ik nog er weer eens ouderwets omheen te kunnen huppelen met alleen wat geschraap en gehum maar als de thermometer vrijdagavond 39,5 graad aangeeft is het duidelijk dat ik een echte klassieke griep te pakken heb.
Gelukkig heb ik donderdagmiddag op de valreep mijn rugzak bij de supermarkt volgesmurfd met 8 liter vruchtensap, daar redden we het wel even mee.
Ik lig dagen en nachten te draaien en ijlen en weet me geen raad met mijn zieke lijf. Hier heb ik even verschrikkelijk geen zin in, ik wil fotograferen, schilderen en fietsen, niet ziek op een matras liggen te wartalen. Ik probeer telkens mijn gedachten te beteugelen en structureren maar heb geen enkele zeggenschap meer over de idiote onzin die in zeer kleine cirkeltjes in mijn hoofd rondholt.
Ik ben al lang blij dat ik mijn vader niet aangestoken blijk te hebben. Daar waren we in het voorgaande weekend eindelijk weer eens langs geweest in de veronderstelling smetvrij te zijn maar we zaten slechts in een korte symptoomvrije incubatiefase.
Ik lig 5 dagen op bed, vandaag ben ik voor het eerst weer koortsvrij. Ik voel me doodmoe, wiebelig, draaierig en zweterig en het zal nog wel even duren voor ik weer met goed fatsoen kan bukken om een bloemetje te fotograferen. In de achtertuin staan de narcisjes me uit te lachen. Rotbloemen, doe toch eens even rustig aan, ik ben er ook nog met mijn fototoestel.
Om het ijlen een beetje tegen te gaan heb ik naast mijn bed een radiootje op 1 staan dus ik ben weer helemaal bij wat betreft de waan van de dag. Wat een gênante neuzelzender is dat toch, iedere ministeriële scheet wordt daar uren- en soms zelfs dagenlang op iedere mogelijk manier uitgemolken. Slechts heel af en toe komt er iets langs wat eventueel nieuws genoemd kan worden.
Ik zal blij zijn als ik me weer eens kan opwinden over gemiste zonsondergangen of te trage buitenbanden in plaats van me te liggen ergeren over nieuws wat geen nieuws is. Alle vingerafdrukken verzamelen, brrrr, leren we het dan nooit in griezelbraaf, calvinistisch en vooral naïef Nederland? Terwijl ik nog steeds hoop dat die belachelijke indentiteitsplicht ook weer een keertje afgeschaft wordt komen ze met de volgende flauwekulregel op de proppen. Het mag van mij allemaal wel wat minder in de krampachtige en af en toe lachwekkende strijd tegen 'het terrorisme'.
Als ik over dit soort zaken begin te bazelen wordt het echt de hoogste tijd dat ik weer eens buiten kom om rechtstreeks in contact te komen met mijn tegenwoordige corebusiness: alles wat groeit en bloeit en mij altijd weer mateloos boeit.
Voor mijn gemoedstoestand is dat een gezondere bedrijfstak dan waar ik me tot voor kort vooral mee bezig hield: de zogenaamd principiële verontwaardiging over alles wat niet deugt in de wereld en onmiddellijk volgens mijn wijze en verheven inzichten verbeterd en veranderd dient te worden.
Is dit eigenlijk nog te volgen of zit ik toch nog wat koortsig te kwaken achter mijn pc-tje? Mijn eerste bloemetje fotografeerde ik vandaag alweer. Met tollend hoofd, maar zonder bukken: een bosje uitlopende Forsythiatakken op de eettafel. Vanaf morgen ruil ik de overdagse pyjamabroek maar weer eens om voor een gewone lange broek, misschien dat ik me dan nog wat sneller beter ga voelen. Hup hup, voor je het weet is het voorjaar in volle bloei en heb ik het gemist!
De lucht is vandaag zo mooi blauw dat bijna alles de moeite waard lijkt om gefotografeerd te worden. Mijn gretigheid heeft natuurlijk ook met mijn fotopauze van de afgelopen tijd te maken, het voelt toch een beetje alsof ik van alles gemist heb en een hoop moet inhalen.
In Steenwijk zelf stop ik meerdere keren voor bloemetjes en plantjes die vooral vanuit een laag standpunt mooi worden met het volle hemelsblauw als achtergrond. In Kolderveen zie ik mijn eerste ooievaar van dit jaar die alweer bezig is met het inspecteren van een oud nest voor een boerderij.
Bij de biologische tuinderij vermaak ik me met het vee in de potstal, de voortplanting gaat hier nog op de natuurlijke manier dus de stier loopt gewoon tussen de koeien. Als een medewerkster het heeft over hun jonge kistkalveren schrik ik even maar het blijkt om kalveren te gaan die in grote kuubskisten in de schuur liggen, net even anders dan wat je normaliter verstaat onder een kistkalf. Eentje is gisteren geboren en heeft zelfs nog geen oormerken. De kalfjes zijn lastig te fotograferen, weinig licht en veel contrast in hun zwart-wit tekening.
Ook deze dieren zullen uiteindelijk eindigen als worst of hondenvoer, maar voor die tijd hebben ze in de potstal en 's zomers in de ruige weilanden van natuurmonumenten tenminste wel een koewaardig bestaan gehad. Als ik vlees zou moeten eten zou het dit vlees zijn en een overtuigende reden om het niet te doen is moeilijk te verzinnen. Toch blijf ik even hypocriet als altijd: wel kaas, geen vlees.
Tegen de gevel van de boerderijwinkel ontdek ik mijn eerste polletje narcissen van dit jaar wat natuurlijk weer vereeuwigd moet worden. Liggend op de koude grond probeer ik ook hier wat blauwe lucht op de achtergrond te krijgen maar het polletje is nog zo klein dat dat om de duvel niet meevalt.
Ik besluit nog een klein ommetje aan mijn boodschappenritje vast te knopen via Ruinerwold en Oosteinde. Vooral langs de weg tussen Meppel en Ruinerwold staan een aantal mooie klassieke panden met stinse-achtige tuinen met veel voorjaarsbloeiers, met wat geluk kan ik daar nog wat fotograferen.
De opbrengst is mager en ik kom niet veel verder dan een paar foto's van de schoorsteen van de grasdrogerij die staat te glimmen in de zon. Dan maar verder via het perenlaantje met zijn oude boerderijtjes en bakhuisjes.
Kilometers lang staan hier aan weerszijden van de weg perenbomen waarvan in het najaar de opbrengst 'op stam' wordt geveild voor belangstellenden. 'Op stam' houdt in dat je de boom waar je een bod op doet zelf moet leegplukken.
Net voor ik Steenwijk binnen fiets is het dwarse paard waar ik al zo vaak vergeefs voor stopte mij nu eens ter wille. Mijn stille wens is om het paard te fotograferen met zijn kont naar buiten. Ik heb hem al vaak zo zien staan maar zodra ik stop draait ie zich om en komt naar me toe. Heel lief en gezellig, maar mijn foto valt daarmee wel iedere keer in duigen.
Vandaag loopt het dier buiten en als ik de camera in de aanslag heb gaat ie keurig staan zoals ik al langer hoopte maar niet meer voor mogelijk had gehouden. De laagstaande zon zet het achterwerk in een oranje gloed en maakt het plaatje helemaal af.
Knip, ik heb je, weer een leuk plaatje voor mijn op handen zijnde fotogalerie met deuren in alle soorten en smaken. Hoewel, een deur zit er eigenlijk helemaal niet in zo te zien. Dan is dit misschien wel het prille begin van een fotogalerie met beestenkonten, wie zal het zeggen.
Nadat ik gisteren voorzichtig even uit mijn hol ben gekropen en sinds tijden weer eens een wandeling over landgoed De Eese heb gemaakt laat ik me vandaag door de zon verleiden tot een ritje in mijn verwaarloosde Quest. Als ik me niet vergis heb ik mijn fiets 49 dagen niet aangeraakt. Dat is lang, veel te lang.
Fiets en helm zitten onder een dikke laag stof en ik moet echt eens even op mijn gemak nadenken wat ik ook allemaal weer moest regelen voor vertrek. Oh ja, ik had een fototoestel dat ik meestal meenam. Daar hoort een heel circus aan accessoires bij die allemaal op de juiste plek weggepakt moeten worden.
De batterijen van telefoon en camera moeten opgeladen, de fietsbril moet gepoetst, er moet water in een fles en de banden moeten op druk gebracht. Wat een gedoe, ik ben al moe voor ik op weg ben. Als ik mijn fietsschoenen aantrek zie ik dat het echt de hoogste tijd is voor een tochtje. De pas éénmaal gebruikte schoenplaatjes zijn zwaar verroest, dat heb ik nog niet eerder zo voor elkaar gekregen.
De 49 fietsloze dagen hebben mijn conditie niet echt op een hoger plan gebracht. Ik was al een lamme zak voor ik ziek werd, maar nu is het helemaal huilen met de pet op. Halverwege weet ik er heel kort een sprintje, ik schrijf inderdaad sprintje, van 26 km per uur uit te persen voor ik het begeef. Niet getreurd, de zon schijnt, er is geen wind en de krokusjes komen overal de grond uit gespoten.
Op de brink in Vledder staan grote pollen gele krokusjes waar ik natuurlijk voor stop. Kruipend maak ik er een aantal foto's van. Haast is hier uit den boze, het weer is heerlijk en in de eiken geven verschillende spechten een prachtig roffelconcert. Ha, wat is het heerlijk om weer eens buiten rond te kruipen in plaats van je ziek, boos of bang onder de dekens te moeten verstoppen.
Op het Doldersummerveld zie ik de schaapskudde op de hei. Weer een kans om even op verhaal te komen. Terwijl ik foto's maken komt de kudde gemoedelijk op me af gegraasd. Op zondag hebben herder en honden vrij zo te zien, de schaapjes dwalen wat voor de vuist weg vandaag.
Als ik trek krijg en stop voor een krentenbol blijk ik nog niet alles op orde te hebben: mijn lunchpakketje heb ik van de zenuwen thuis laten liggen. In een velomobiel is dat zelden een probleem, want na wat zoeken vind je in een hoekje meestal wel een eetbaar koekje. Precies goed om even de ergste trek te stillen.
De sneeuwklokjes die ik vandaag ergens hoopte te vinden ontdek ik pas langs het talud van de Drentse Hoofdvaart. Eigenlijk ben ik te laat, het licht is alweer hard en schel en dat geeft met de witte bloemetjes al snel foto's met te veel contrast. Ik doe mijn best maar een echte topper zit er niet bij.
Thuis doe ik dat nog even over en dan heb ik tot mijn verrassing wel een voltreffer. Zo betrekkelijk is mijn fietsrondje deze keer: de sneeuwklokjesfoto die ik onderweg hoopte te maken schiet ik thuis in eigen tuin. Maar wel met mijn fietskleren nog aan, dat heeft vast geholpen.
Ja, het is zover! De nieuwe badkamer is officieel opgeleverd, wij kunnen douchen. Driewerf hoera lijkt op zijn plaats en de blauwe vloertegels zijn helemaal naar onze smaak. Eindelijk zijn we dan af van die gore grauwe afgetrapte badkamer met overal kwakken kit in de verkeerde kleur die de afgelopen jaren nodig waren om de lekkages een beetje te beteugelen.
Eerst leef ik me met warm water, een schuursponsje en azijn ongebruikelijk enthousiast uit op de tegelvloer want nu wil ik ook waar voor mijn geld. Geen toepasselijk gezegde want deze uitgebreide verbouwing kost ons geen cent en geeft volgens zeggen zelfs geen huurverhoging. Alleen voor de extra hoge keukenkastjes betalen we een paar euro toeslag.
Na het boenen en soppen gooi ik mijn emmertje leeg in de wastafel. Drie tellen later stroomt hetzelfde water weer over mijn voeten. Waar komt dat nou vandaan? Ik zet de kraan open en zie het water met volle kracht uit de afvoerbuis over de vloer stromen.
Ik ben eigenlijk niet eens echt verbaasd. De loodgieters zijn net als de schilders het liefst in grote stappen snel thuis. Die grote stappen vind ik best, hoe eerder het huis weer helemaal van ons is hoe beter, maar in de haast lukt het ze niet altijd om fatsoenlijk werk te leveren. Zo heeft het stug doorschilderen in de regen op de buitenkozijnen een bijzonder structuureffect met blaasjes gegeven en blijkt de wastafel dus af te wateren over de badkamervloer.
Na het droogdweilen van de vloer is het tijd voor de eerste douchebeurt. Hier ben ik aan toe. Natuurlijk heb ik eerst onze eigen vertrouwde spaardouchekop gemonteerd, daar zijn we zo aan gewend dat we haast niet meer zonder kunnen.
Deze kop is al jaren geleden ontwikkeld voor boorplatforms, daar is zuinigheid met zoet water nog belangrijker dan op het vaste land. Het was zo'n beetje de eerste spaarkop die verkrijgbaar was en we waren er al snel enthousiast over. Niet zozeer vanwege dat besparen, maar het onooglijke ding geeft zelfs op een miezerig geisertje nog een lekkere krachtige straal.
Als we beiden uitgedoucht zijn en ik de trap afloop zie ik het water in stralen langs de muur naar beneden lopen. Krijg nou niks, dat is alweer lekkage nummer twee. Dat afvoerbuisje bij de wastafel schrok ik niet zo van, dat krijg ik desnoods zelf nog wel opgelost, maar dit is andere koek.
Deze vrij ernstige lekkage wordt de volgende dag snel opgelost, en natuurlijk precies zoals ik al vreesde. De nieuwe badkamer is nog geen dag oud of het oude vertrouwde smeer-maar-een-beetje-aan is alweer begonnen. Als ik wil dat het netjes en waterdicht wordt kan ik beter verder mijn mond houden en de klus zelf een keer ter hand nemen.
Als een soort van afscheid wordt de dag na de oplevering tijdens de reparatie van de lekkende wastafel onze weinig gebruikte en peperdure Miele stofzuiger de vernieling in geholpen door er een putje mee leeg te zuigen. Ik was er niet bij maar als ik 's avonds voor de allerlaatste keer andermans rotzooi sta op te zuigen begint het apparaat opeens te gillen en te stinken.
Het ruikt naar een doorbrandende motor dus ik begin een eerste onderzoek. In de zuiger drijft de stofzak in zijn bakje en de filters zijn doorweekt. Ik ben dan nog optimistisch en leg alles te drogen op de verwarming. Zo, nu alleen nog even de vochtige stofzuiger droogmaken door hem even te laten draaien.
De stofzuiger begint echter steeds harder te janken en stinken en ik zie de spetters uit de motor komen. Dan pas bedenk ik dat de motor misschien ook nat is geworden. Ik trek snel de stekker eruit en draai de stofzuiger om. Er komt een halve liter zwart water uit het motorhuis gelopen. Ik vrees dat dit het einde is van deze stofzuiger die ons bij normaal gebruik nog minstens tien jaar had kunnen dienen.
We proberen de schade te verhalen op de verhuurder, maar die begint meteen aan het gebruikelijke verzekeringsschuifspelletje en legt de claim bij de hoofdaannemer die hem op zijn beurt doorschuift naar de onderaannemer. Wie weet wordt er ooit nog wat vergoed. En de wastafel? Ach, had ook maar één toeschouwer van deze klucht nog verwacht dat die nu echt in orde zou zijn?