bassociaties

archief - oktober 2009
Op dit weblog schrijf ik verhaaltjes over mijn avonturen thuis en onderweg. Vaak vertel ik over natuurfotografie of over fietstochtjes met mijn Quest, en verder over alles wat mijn hart raakt of waar ik over struikel.

maandag 26 oktober 2009

De wet van Murphy

Het zijn zware crisistijden voor deze cameraloze weblogger en er lijkt voorlopig nog geen einde aan de misère te komen. De oude camera die na twee reparaties niet meer goed scherp stelt wordt door mijn fotozaak enkele dagen in gijzeling genomen en dan weer teruggestuurd. Men houdt bij hoog en laag vol dat het toestel prima scherpstelt, wat ik helaas niet kan bevestigen.

Ik probeer wanhopig om via email met ze te communiceren maar ze lijken niet in staat om zinnen te lezen die langer zijn dan drie woorden. 'Kijk nou eens goed naar de handmatige scherpstelling', schrijf ik luid en duidelijk en krijg als antwoord dat ze dat heus al lang gedaan hebben.

De uitgebreide serie testfoto's die moet bewijzen hoe grondig hun onderzoek wel geweest is blijkt te bestaan uit maar liefst twee hele opnames die ook nog eens gemaakt zijn met het verkeerde type lens. Van een test van de handmatige scherpstelling lijkt geen sprake te zijn. Als ik wil dat mijn camera ooit nog gerepareerd wordt zal ik waarschijnlijk persoonlijk langs moeten gaan om ze uit te leggen hoe je autofocustesten uit hoort te voeren.

Even denk ik dat er toch nog een heel klein piezeltje gerechtigheid is als mijn andere camera weer op komt duiken. Het toestel doet het weer prima, gedurende een paar uur. Dan begint het kreng opeens net zo onberekenbaar te spoken als mijn oude E510 vroeger deed en maakt alleen nog overbelichte en onderbelicht foto's, net waar het toestel zin in heeft. Ook dat apparaat is nu kennelijk bezeten door de duivel.

Daar sta je dan, midden op de prachtige Dwingeloose heide waar de herfst al lekker kleurig om zich heen begint te grijpen. Het ene toestel belicht prima maar maakt foto's die net niet scherp zijn, de andere camera stelt prima scherp maar geeft om de haverklap verkeerd belichte foto's. Slechts met de grootst mogelijke moeite lukt het me om een paar plaatjes te maken die er zo ongeveer mee door kunnen.

Tegen zo'n opmarcherend leger van pechduivels en treitertrollen kan ik niet op dus ik geef me gewonnen en besluit om huisman te worden en me de rest van mijn leven te wijden aan het zo dun mogelijk schillen van aardappels en het streeploos wassen van ramen. Of ik daar ook een aardig weblog mee vol weet te kwekken betwijfel ik dus het zou hier de komende tijd wel eens een beetje stilletjes kunnen worden. Mochten er onverhoopt toch nog weer eens betere tijden aanbreken dan zal ik daar op passende wijze ruchtbaarheid aan geven.

Bassociaties - Kleurige bosrand met herfsttinten, Lhee.

Kleurige bosrand met herfsttinten, Lhee.

vrijdag 16 oktober 2009

De vliegfiets

Er moet groente gehaald worden op het herfstige boerenland. Pietertje wil wel weer eens naar buiten en biedt aan om deze klus op zich te nemen. Omdat ik, vandaag maar eens Pietertje geheten, geen camera's meer tot mijn beschikking heb ben ik fotograaf af en let dus ook niet meer op het weer.

Dat zal ik weten. Precies op de grens van Overijssel en Drenthe komt er een spannende lucht opzetten die gepaard gaat met bulderende windstoten. In de windstoten zit een beetje regen en het voelt of iemand met een hogedrukreiniger mijn oren probeert uit te spuiten.

Mijn buitenthermometer had het over een lauwe 14 graden en dat is zelfs voor een koukleum nog lang geen temperatuur om een hoofdband op te zetten maar nu heb ik er erg veel spijt van dat ik die niet eens bij me heb. Ik hou een hand tegen het windvangende oor dat al bijna afgevroren is. Maar bij de eerstvolgende windstoot wordt ik bijna een heg ingeblazen dus ik pak het stuur weer snel met beide handen vast en offer het linkeroor op.

De eiken staan te kraken langs de weg en slechts met veel stuurmanskunst weet ik ze te ontwijken. Na iedere boerderij krijg ik een harde windklap en met enige bezorgdheid zie ik de afgewaaide takken op de weg elke minuut groter worden. Mijn fiets zwalkt vrolijk alle kanten op en is in de zwaarste windvlagen amper nog onder controle te houden. Jongens wat een blaasfestijn, als dit maar goed gaat.

Bij de groenteboer kies ik uit nood alleen maar groente met een hoog soortelijk gewicht want ik heb ballast nodig voor mijn vliegfiets, heel veel ballast. In ons menu van de komende weken geen luchtige sla en champignons maar vooral zware knollen en kolen. Ik mis mijn camera's en statief die opgeteld ook weer een paar kilootjes bijdragen maar ben met dit noodweer ook wel blij dat ik ze niet bij me heb. Als ik met dat speelgoed aan boord in een sloot of vaart verzeild raak is het natuurlijk helemaal dik huilen geblazen.

Nadat de Quest met een voorraad selderijknollen, uien en kolen wat steviger op de weg is gezet durf ik weer verder te fietsen. De zware windvlagen lijken wat te minderen en ik besluit er toch nog een klein stukje aan vast te knopen.

Maar nog geen kilometer verder komt de volgende windbui opzetten en opnieuw staan de bomen te kreunen en te kraken langs de polderweg. Her en der vliegt er wat hout door de lucht maar ik zie nog geen reden om een noodbivak op te zetten. Terwijl ik doodsangsten uitsta vindt mijn Quest het allemaal prachtig, ik kan gewoon voelen dat mijn trouwe fietsje zin heeft om een stukje te gaan vliegen. Dan trekt de bui verder aan met zeer verraderlijke windstoten en midden in het open boerenland zet ik ver bij alle bomen vandaan de Quest met de neus in de wind en wacht op betere tijden.

Als de wind wat begint af te zakken fiets ik weer verder, verzin een korte afdruiproute naar huis en vind een flinke gespleten eik op mijn weg die ik niet graag met mijn helmpje had opgevangen. Auto's kunnen er niet meer langs maar ik kan met mijn semi-vliegmachine net langs de eik door de berm glippen en vervolg mijn weg. Thuis ben ik volkomen uitgeput en dat notabene voor een van de kortste ritjes die ik ooit met een velomobiel maakte. Het is herfst, het is echt helemaal herfst.

Bassociaties - Beukenblad in herfstkleuren, De Eese.

Herfst zonder fotocamera's betekent archieffoto's plaatsen.
Kleurend beukenblad op de Eese, oktober 2008.

vrijdag 09 oktober 2009

De herhaling

En jawel hoor, na twee reparaties is mijn fototoestel weer terug bij het baasje. Dat is best een fijn gevoel, eventjes dan. Verras ik nog iemand als ik schrijf dat het toestel nu slechter werkt dan ooit? Het euvel waarvoor ik hem twee keer wegbracht lijkt verholpen, dat moet gezegd. In ruil daarvoor heeft men echter net zo lang aan alle stelschroefjes zitten draaien tot er van de scherpstelling werkelijk geen spaan meer overbleef. Voor wat hoort wat en mijn les in het leven was nog niet klaar immers.

Ik ben weer voor het eerst met het toestel op pad en snap er eerst geen snars van. De zoeker is onscherp, de foto's lijken ook onscherp maar dan net weer anders en het scherpstellen zelf duurt een eeuwigheid. Ik raak ernstig in de war, ben ik nou opeens nog gekker dan gek of hoe zit dat? Het is schitterend weer en ik probeer er het beste van te maken maar thuis kan ik de meeste foto's weggooien omdat ze me echt niet scherp genoeg zijn.

Ik zit in een film, een slechte, en dan nog in de herhaling ook. Want dit is niet de eerste keer dat ik eindeloos met een camera naar het postkantoor loop te slepen in de hoop hem ooit weer werkend in handen te krijgen. Ik doe mijn best om niet uit elkaar te spatten van ergernis en meld me maar weer bij mijn fotowinkel met het ongelooflijke verhaal.

Maar eerst doe ik uitgebreide testen om het probleem duidelijk te krijgen en bewijsmateriaal te verzamelen. Ik vind op internet een eenvoudige maar voortreffelijke testkaart met aanwijzingen om de autofocus van een camera te controleren op www.focustestchart.com. Als je de camera in een hoek van 45 graden opstelt boven de kaart krijg je al snel een aardige indruk hoe je speelgoed er aan toe is.

En zie, ik ben niet gek en zelfs geen vliegtuig, het is allemaal de schuld van mijn camera. In zekere zin is het nog een opluchting ook want ik begon echt even aan mezelf te twijfelen. De autofocus stelt een fractie te ver naar achter scherp. Net niet helemaal onscherp, maar van de fantastische detaillering die ik altijd gewend was is geen sprake meer. Manual focus is ook een drama, maar dan weer anders, die stelt juist veel te ver naar voren scherp. De conclusie is niet moeilijk maar wel pijnlijk. Met dit toestel valt niet te werken, broddelwerk, terug ermee en snel.

Ik breng mijn leverancier met een email op de hoogte en krijg per omgaande een reactie. Ze willen de lens er graag bij hebben. Mijn lens erbij? Ammehoela, eerst mijn camera verprutsen en dan zeker ook mijn lens nog eventjes 'bijstellen'. Geen denken aan. En trouwens, ik heb meer lenzen en meer camera's en dat moet allemaal netjes op elkaar blijven passen. Dus ik schrijf dat ik daarvoor vriendelijk bedank en alleen de camera wil opsturen.

Nogmaals per omgaande het vriendelijke verzoek om de lens mee te sturen. Olympus moet de lens er bij hebben, dan kunnen ze die op de camera calibreren. Maar dat wil ik nou juist niet, dat ze die lens gaan verstellen. De camera, die moeten ze in orde maken, verder niets. Ik doe een testserie met een andere lens, stel daarbij dezelfde afwijking vast en bestook mijn leverancier met die aanvullende informatie.

Nogmaals leg ik uit dat alles net zo uitwisselbaar moet blijven als het altijd geweest is. Dat is nou juist een van de sterke punten van een spiegelreflexcamera, dat je alles zo lekker door elkaar kunt husselen en dan soms toch nog aardige foto's krijgt. Fotomeccano zeg maar. En tussenringetje hier en een convertertje daar.

Dan zijn ze om en mag ik volstaan met de body. Ik ben niet geheel tevreden dat ik zo moest praten om mijn punt duidelijk te maken maar moet mijn vrouw gelijk geven dat ik waarschijnlijk nergens anders zo snel, correct en adequaat te woord gestaan zou zijn. Dus daar ga ik weer met mijn doosje naar het postkantoor, op naar de volgende verrassende teleurstelling.

Zou het ooit nog goed komen met mijn E510? En die E620 dan, die nu ook in reparatie is, waarom zou dat dan wel in een keer lukken? Ik weet het allemaal niet meer. Het is prachtig najaarsweer, de bladeren beginnen al te kleuren en ik, ik ben cameradeloos en diep bedroefd.

Het wordt tijd voor een wat eenvoudiger hobby, misschien iets met klei, hout of wol. Wol, maar dat is een goed idee zeg, is schaapsherder niet iets voor mij? Lekker rustig, altijd buiten en lui leunend op een stok je eigen dekbed bij elkaar staan te wachten. Maar saai dat het me lijkt, zooow saaai... Nee, dan toch nog liever het enerverend bestaan van een fotograferende pechvogel. Twiet twiet.

Bassociaties - Schaapskudde op de Havelterberg.

Schaapskudde op de Havelterberg.

woensdag 07 oktober 2009

De ronde cirkel

In het verleden heb ik mij hier vast wel eens uitgebreid geërgerd aan de overdosis verpakkingsmateriaal die je bij nagenoeg elke aankoop toegediend krijgt. Of over de achterlijke manier waarop je weer van die overdosis afkomt. Flikker het maar in de vuilnisbak, dan steken wij (de overheid alias hullie of zullie) het wel in de fik en noemen dat vervolgens heel eufemistisch energieterugwinning.

Er was even sprake van een voortvarende minister die aankondigde dat het nu mooi was geweest en dat plastic voortaan gescheiden ingezameld moest worden. Ik stond te juichen toen ik dat hoorde, eindelijk een eind aan één van mijn grote ergernissen annex schuldgevoelens. Omdat het er al snel aan zat te komen voerde ik binnenshuis de gescheiden inzameling van herbruikbare kunststoffen alvast in. Met zoiets kun je niet vroeg genoeg beginnen en wat mij betreft was het allemaal toch al tien jaar te laat.

Alles waarvan het vermoeden bestond dat het ooit via een ander kanaal dan onze grijze container het huis zou kunnen verlaten werd afgewassen, vakkundig geplet en tijdelijk in vuilniszakken op zolder opgeslagen. Een beetje zoals dat met kernafval gebeurt. We weten nog niet goed hoe we er vanaf moeten komen en tot die tijd zetten we het maar netjes apart, de rest komt hopelijk later nog een keer. Of niet.

Opeens heeft de minister andere zaken aan het hoofd en ik hoor niets meer van de gescheiden inzameling van plastic verpakkingsmateriaal. Op mijn zolder bereikt de stapel ijsdozen, margarinekuipjes en shampooflessen al bijna de nok en ik begin in de problemen te komen. Met zoveel overheidsobstructie is bij de inrichting van mijn tijdelijke opslagplaats geen rekening gehouden en ik zie me dan ook genoodzaakt om een gedeelte van de plastic bakjes alsnog in de container te gooien. Wat een afschuwelijke afgang.

Op bushaltes en billboards zie ik overal merkwaardige oranje figuurtjes verschijnen die onder de naam Plastic Hero reclame proberen te maken voor weer een nieuw product dat ongetwijfeld gepaard gaat met veel overbodig verpakkingsmateriaal. Ik heb eerst geen idee waar het rare oranje poppetje voor staat dat ongeveer het midden houdt tussen Barbapapa en een Playmobil figuurtje maar het is vast aftershave of een nieuwe soort kauwgum.

Dan hoor ik op de radio dat het figuurtje onderdeel is van een actie van de verpakkingsindustrie. Waarschijnlijk bedoeld om al te strenge regelgeving van de overheid voor te zijn en met deze actie hopen ze er zo'n modern, halfzacht en lekker vrijblijvend convenant uit te slepen. De actie richt zich nadrukkelijk op de consument want die heeft het natuurlijk weer allemaal gedaan en moet eindelijk eens wat beter zijn best gaan doen. Het is ook altijd onze schuld.

Ik raak lekker tegen het kookpunt door dat stomme poppetje dat me onderweg overal toegrijnst en goddank wordt de actie halverwege afgebroken. Niet vanwege mijn kookpunt maar omdat de lagere overheden met hun handen in het haar zitten. Ze weten zich geen raad met al die brave en overijverige burgers die de burelen platbellen om te vragen waar ze hun oude autobumper en pindakaasdeksels dan toch moeten inleveren. De actie wordt snel op een lager pitje gezet en in mijn eigen recyclingcentrale stel ik uit nood strengere selectiecriteria in om straks niet weer in de problemen te komen want daar zou mijn geloofwaardigheid als radicale milieuridder vooral intern ernstig onder lijden.

En dan wordt er, zomaar ergens in augustus, een dikke envelop door de brievenbus geschoven met daarin een heleboel plastic zakken en een schriftelijke cursus afvalscheiden. Ik ben natuurlijk helemaal enthousiast en begin meteen te studeren en daarna te sorteren. Eindelijk, eindelijk mag ik mijn ijsdozen apart inleveren. En de shampoofles en de chocopastadeksels en de margarinekuipjes. Maar let op, chipszakken met opgedampte aluminiumlaag weer niet en ook geen kitkokers en terpentineflessen. Ik spit alle lessen en lijsten door en kan inmiddels gerust een afvalscheidingsexpert genoemd worden.

Ik kan niet goed in woorden uitdrukken hoe het voelt om al mijn tofubakjes van de jaargangen 2001 tot en met 2009 in elkaar te mogen stapelen, ze daarna in een grote plastic zak te proppen en te weten dat die niet in een verbrandingsoven terecht gaat komen. Laten we het er maar op houden dat het 'helemaal niet verkeerd' voelt. Zou het ons dan toch ooit lukken om de kringloop, die natuurlijk altijd en overal en ten alle tijden helemaal rond hoort te lopen, inderdaad netjes aaneengesloten te krijgen? Soms zou je er bijna in gaan geloven.

Bassociaties - Chocomel verpakking in boomstam, De Eese.

Afval in oksel boomstam, De Eese, 2008.

maandag 05 oktober 2009

De grote oefening

'Kan de server op www.basdekker.eu niet vinden'. Dat is de foutmelding die mijn browser geeft als ik op vrijdagmiddag foto's aan mijn beeldbank wil toevoegen. Ik vraag het weerbericht maar eens op, als dat wel lukt weet ik al iets meer. Maar dat lukt ook niet, weer die foutmelding.

Ik kijk eens naar mijn modem en zie in een oogopslag dat dit foute boel is. Er brand slechts één lampje terwijl dat er normaal drie zijn. Geen goed voorteken, ik heb al meerdere storingen van mijn provider overleefd maar nog nooit heeft mijn modem twee van de drie oogjes toe gehad. Die kon wel eens de geest hebben gegeven.

In paniek bel ik net voor sluitingstijd de helpdesk. De lijn wordt op afstand getest, er is signaal maar de modem praat niet terug. Men denkt inderdaad aan een defect modem. Ik vraag of ik wat kan met een oud modem dat ik nog op zolder heb liggen. Ze kennen het model en geven er inderdaad ondersteuning op maar ik moet wel vier uur wachten voordat dat andere modem herkend wordt.

De volgende ochtend lijkt mijn nieuwe oude modem verbinding te hebben, alle lampjes branden groen, maar ik heb nog steeds geen internet. Ik bel weer, godzijdank kan ik ook in het weekend terecht bij de helpdesk, al is het ook pas in de middag. Ik ben nu een etmaal zonder internet en begin afkickverschijnselen te vertonen. Een uur lang worden er uitgebreide testen uitgevoerd. Ik moet kabels omleggen, het modem moet ergens anders aangesloten en er worden allerlei metingen gedaan.

Ik krijg de indruk dat mijn helpdeskmedewerker zijn dag niet heeft of te weinig verstand van zaken en hoor op de achtergrond gesmoes van een floormanager. Het duurt te lang allemaal, er zijn meer wachtenden, hup hup hup, tijd is geld. Prompt wordt me verteld dat ik een ticket krijg. Oei, dat klinkt niet best. Dat betekent dat de provider het welletjes vindt en de zaak overdraagt aan KPN, die is van het fysieke draadje.

Mijn ouders kregen laatst ook zo'n ticket, van dezelfde provider. Na twee weken bellen, smeken en dreigen kwam er eindelijk een vriendelijke monteur die in een paar tellen de boel weer op gang hielp. Het was iets kleins dat waarschijnlijk ook vanuit de helpdesk opgelost had kunnen worden. Ze zaten drie weken zonder internetverbinding. Voor mijn ouders was het even lastig maar zoveel doen ze nu ook weer niet via de computer.

Voor mij is het echter een cold turkey. Keihard afkicken zonder verzachtende omstandigheden. Van mijn internetverslaving. Geen email, geen weblog, niet bankieren, geen weerbericht, geen Google, niks. Alles dood, alles stil. Rust die ik niet wil, die ik op geen enkele manier kan hanteren.

Midden in de nacht word ik wakker. Ik ben nu al ruim zesendertig uur clean en ik voel me beroerd, hondsberoerd. Dan komt de woede. Hoe durven ze, stelletje onbenullen! Wat een godvergeten achterlijk zootje bij die providers. Als er iets mis is met mijn internetverbinding wil ik dat het binnen een paar uur opgelost wordt. We leven in 2009 jongens, het digitale tijdperk is al lang begonnen. Geen leven meer zonder internet, het is bijna net zo belangrijk geworden als gas, water en licht. Voor mij wel tenminste.

Na de woede komt de paniek en het wordt zwart in mijn hoofd. Mijn god, ik kan bijna niets meer zonder internet! Het is nog veel belangrijker voor me geworden dan ik zelf in de gaten had. Ik voel me bijna net zo ellendig als, als, als wanneer eigenlijk? Als toen mijn vorige camera kapot was en ze hem telkens niet gerepareerd kregen. Schuimbekken deed ik. Toen wel, nu nog net niet.

En dan, als ik zo midden in de nacht net niet lig te schuimbekken in mijn bed, krijg ik opeens een geniale ingeving. Weet je wat ik doe, ik maak er gewoon een oefening van, de volgende oefening op mijn leerweg die leven heet. Sinds ik mijn zwaar beproefde ziel moedeloos en voor het eerst met enig vertrouwen in de schoot van een wat ongewone therapeut legde bestaat mijn leven bijna alleen nog maar uit oefeningen. Niet omdat alles als een oefening bedoeld is maar omdat ik leer dat je het er met een beetje goede wil meestal wel van kunt maken.

Vooral van die dingen waar je op je levenspad bij herhaling over struikelt kun je soms maar het beste een oefening maken. Daar leer je van en door te leren verander je, groei je, ontwikkel je. Doordat je groeit leer je de tegenslagen te relativeren maar hou je vast: de oefeningen veranderen meestal met je mee. Alleen zo kun je namelijk blijven leren en groeien. Misschien is dat wel waarom we op aarde zijn, om te leren en te groeien, verder niets. Wat mij betreft ruim voldoende trouwens, ik kom er mijn tijd wel mee door.

Nadat ik dit allemaal in een paar seconden bedacht heb, woorden zijn maar een traag en armoedig voertuig voor onze gedachten, val ik vrij snel in slaap. Ooit zal ik weer een werkende internetverbinding hebben, vast wel. Als het me allemaal echt te gortig word kan ik bellen en blijven bellen tot ze bij de helpdesk zo simpel van me worden dat ze de KPN stevig achter de vodden gaan zitten. Of ik bel niet, hou me koest en wacht geduldig op wat komen gaat. Het maakt allemaal niet uit.

In nacht twee opnieuw veel gewoel en gepieker en in mijn hoofd draai ik het gesprek met de sukkelige helpdeskmedewerker nog eens af. Het verhaal klopt niet, besluit ik. Het is zinloos dat er hier iemand langskomt, die lijn is prima. Het ene modem is defect en het andere moet gewoon even beter ingesteld worden. Kon ik het maar zelf, ik heb de logica en zorgvuldigheid in huis om dit probleem op te lossen, maar niet de technische gegevens en ook geen toegang tot die gegevens, die staan ergens buiten mijn bereik op internet. Ik wil binnenkort een dubbele internetverbinding denk ik, voor dit soort gevallen.

Maandagmorgen wissel ik de twee modems nog eens om en heb tot mijn verbijstering heel even een werkende internet verbinding. Als ik het niet dacht, dat mannetje van de KPN kan gewoon lekker in zijn bedje blijven liggen, ik heb alleen maar even een helpdeskmedewerker nodig die logisch kan nadenken. Ik word niet boos, welnee, ik bel gewoon weer op. Terwijl ik bel let ik op mijn ademhaling en op mijn voeten. Nu is het zaak kalm te blijven, deze oefening ga ik nu eens perfect uitvoeren.

Prompt word ik voorbeeldig geholpen door een ervaren crack die bij iedere verrassing die we tegenkomen precies weet wat er gedaan moet worden. Binnen een kwartier heb ik een werkende verbinding en als toegift helpt hij me ook nog even bij het installeren van de router die maakt dat we met twee computers tegelijk kunnen internetten.

Als het toch nog even mis lijkt te gaan met die router bedenkt hij dat de kabel mogelijk niet juist is en vraagt of ik toevallig ook een zogenaamde crosslinked kabel bij de hand heb. Tuurlijk heb ik die en dan draait alles als een zonnetje. Het is bijna leuk om samen met een echte vakman dit probleem te tackelen en ik bedankt hem hartelijk voor de service.

Deze oefening heb ik keurig uitgevoerd vind ik, al zeg ik het zelf. De volgende staat trouwens alweer te wachten want sinds gisteravond heeft ook mijn tweede camera de geest gegeven. De eerste is nog in reparatie en deze kan er eigenlijk meteen wel achteraan want met een doorgebrand LCD-scherm valt er amper meer mee te werken.

Bassociaties - Veel ooievaars midden tussen de schapen in het Reestdal.

Heel veel ooievaars midden tussen de schapen in het Reestdal.

En of dat allemaal nog niet genoeg ellende is is gisteren halverwege een fotosessie de zonnekap verschoven waardoor een aantal schitterende opnamen ontsierd worden door rare zwarte randen. Wat een teleurstelling weer maar ik verbijt mijn tranen en gooi de mislukte opnamen zonder omhaal in de prullenbak. Daarna plak ik randjes isolatietape om de lens en schuif de zonnekap er met veel moeite weer op. Zo, die zit muurvast en komt nooit meer los.

Dan krijg ik email van mijn fotowinkel. De camera die in reparatie was komt morgen weer thuis. Ik haal opgelucht adem, komt alles toch nog goed. Er is echter geen schaderapport meegeleverd, zo meldt mijn winkel heel gis en daar bel ik nog maar even over. Inmiddels hebben ze dat rapport zelf al even telefonisch opgevraagd want ze zijn daar echt goed in service en vonden het ook al dubieus.

En wat blijkt: Olympus heeft het lef om na een eerste mislukte reparatie het ding opnieuw alleen even op te poetsen. Je moet het maar durven om je naam zo goedkoop te grabbel te gooien. Ik verdenk ze ervan dat ze proberen om net zo lang te blijven poetsen tot het toestel buiten de garantie zit, dat duurt nog een paar weken. Daarna willen ze vast met alle plezier onderdelen vervangen, als ik maar even financieel bijspring.

Die laatste alinea klinkt wel heel erg naar angst en wantrouwen, ik heb duidelijk nog een hoop te leren. Ben razend benieuwd naar mijn volgende oefening. Maar die ooievaars, die maken veel goed hoor, ik geloofde echt mijn ogen niet. Ruim twintig op de foto maar in werkelijkheid waren het er zeker honderd.

vrijdag 02 oktober 2009

De vermenigvuldiging

Van jongs af aan ben ik vrij veel met muziek in aanraking geweest. Mijn moeder speelde piano, mijn opa speelde dwarsfluit en voor ik het wist zat ik na schooltijd in een klein klasje liedjes en toonladders te zingen en een jaar later alweer blok te fluiten.

Blokfluiten valt niet mee hoor, zo'n ding loopt de hele tijd vol kwijl en begint dan te borrelen in plaats van fijnzinnige tonen te produceren. Bij mij kwam muziekles vooral neer op het leren beheersen van mijn speekselstroom, ook best een nuttige oefening trouwens voor een spraakwaterval.

Toen werd het tijd voor het echte werk en het was de bedoeling dat ik een instrument ging kiezen om mij verder in te bekwamen. Twijfel overheerste, het enige wat ik zeker wist was dat het geen blokfluit moest worden. Met een scheef oog keek ik naar mijn oudere broer, dat deed ik mijn hele leven al als ik het even niet meer wist.

Mijn broer wist het al lang, hij ging piano of akkordeon kiezen. Ik wist het nog steeds niet en toen de tijd begon te dringen koos ik, heel verrassend, voor piano of akkordeon. Ik zag een bigband optreden waarbij de pianist zo wild tekeer ging dat de bladmuziek het luchtruim koos. Ha, dat leek me wel wat, lekker timmeren met je handen en stampen met je voeten, echt wat voor mij.

Het was tijd voor een eerste proefles en de agenda bepaalde bij toeval dat ik eerst het gebalgde zeemansinstrument eens van dichtbij ging bekijken. Ik snapte er nog niet veel van maar het wiegen van de balg werkte hypnotiserend dus ik koos ter plekke voor dit instrument. Daar heb ik in het begin nog wel eens spijt van gehad, dat ik toen niet voor piano gekozen heb. Die balg is in het begin een kreng om onder controle te houden.

Toen werd het tijd voor mijn oudere broer om zijn snode plan ten uitvoer te brengen. Vlak nadat ik mijn keuze openbaar had gemaakt zei hij dat hij bij nader inzien toch maar voor cello of viool ging. Formeel kon ik nog terugkrabbelen maar moreel niet meer dus ik ben een jonge akkordeonist geworden. Toen schreef je dat nog gewoon met een k.

Ik kreeg voor mijn verjaardag een cassetterecorder en was dolgelukkig. Nu kon ik mezelf horen spelen terwijl ik gewoon op bed lag, wat een genot voor de kleine luie narcist die ik toen al was. En toen ontdekte ik nog een ander aardigheidje. Als je de cassette afspeelde kon je zelf een tweede stem meespelen, ik was opeens een accordeonduo geworden.

Ik werd er zelf even stil van en daarna juist niet meer. Spelen, opnemen en afluisteren, spelen, opnemen en afluisteren. Het hek was van de dam en eigenlijk had ik helemaal geen tijd meer om nog naar school te gaan. Veel te druk met belangrijker zaken.

Er bleek nog meer te kunnen. Mijn grote broer had ook een cassetterecorder en als ik die leende, wat heel soms mocht, kon ik dat zelfgeformeerde duo zelfs weer opnemen op band. En die opname kon ik afspelen en dan kon ik weer meespelen, en dat kon ik dan weer opnemen, en en en...

Het was in die periode dat ik twee spiegels tegenover elkaar zette, er voorzichtig tussen keek en de oneindigheid ontdekte. Als ik wilde kon ik wel met honderd man tegelijk accordeon spelen en ik was dan al die honderd man. Gelukkig werd die duizelingwekkende oneindigheid en persoonsvermenigvuldiging een klein beetje begrensd door de beperkte techniek die ik toen tot mijn beschikking had.

Na het toevoegen van de vierde stem was de opname zo'n vervormde brij geworden dat het instrument amper meer te herkennen was en ik ben met mijn muziekschrijverij, want natuurlijk schreef ik de muziek ook zelf, nooit verder gekomen dan het accordeonkwartet. Mijn beste arrangement is ooit nog door een levend accordeonkwartet gespeeld maar dat klonk nergens naar want die lui konden niet swingen.

Ik kwam er achter dat er cassetterecorders bestonden met meer dan twee sporen. Op een ouderwetse magnetische audiocassette staan vier sporen, twee voor de stereo heenweg en twee voor de stereo terugweg. Als je de recorderkop anders ontwerpt kun je vier sporen naast elkaar opnemen. Een fantastisch apparaat en werkelijk onbetaalbaar, in alle opzichten. Het is er dan ook nooit van gekomen.

Later kwam vergelijkbare techniek digitaal beschikbaar, gewoon op een eenvoudig PC-tje met wat gratis software. Maar ik had toen geen tijd meer want ik moest van mezelf heel veel andere dingen doen. Wat weet ik ook niet meer precies maar het was vast weer erg belangrijk.

Tegenwoordig doe ik alleen nog maar onbelangrijke dingen. Broodjes bakken, een stukje fietsen en af toe maak ik ergens een foto van. Tijd genoeg dus om een lekker potje te gaan multitracken want zo heet dat in muzikantenkringen. Maar het komt er niet van. Het hoofd wil niet en als mijn hoofd niet wil kan ik het verder wel vergeten. Dan maar niet.

En dan, op een regenachtige dag die volgt op een andere regenachtige dag, ben ik opeens met kabeltjes en microfoons in de weer en roep: 'Test, test, een, twee, drie, test'. De piano-take die ik even eerder voor de vuist weg inspeelde staat als een huis en ik besluit er gezellig nog een spoortje naast te leggen. Zomaar, voor de grap.

In een hoekje heb ik een aftandse melodica liggen die ik ooit bij de kringloopwinkel kocht. Ik veeg het stof eraf, blaas hem eens door en speel een riedeltje. Niet slecht man, helemaal niet slecht, zie je, je kunt het wel. Take 1 en 2 zijn bedoeld om even de sound te checken. Na wat gemorrel aan een stekker is de brom in de lijn verdwenen waarna niets mijn carrierre als veelzijdige studiomuzikant nog in de weg staat. Take 3 is meteen raak en als een volleerd technicus mix ik daarna de hele handel nog even smaakvol af met de juiste hoeveelheid echo en fantaseer stiekem al over mijn eerste platina CD.

Bassociaties - Jazz improvisatie met piano en melodica: I'll be back in autumn, Bas Dekker

I'll be back in autumn
Jazz improvisatie met piano en melodica, Bas Dekker, 2009.

Zo ver zal het niet komen, een scorende hit is nooit langer dan twee minuut achtentwintig en heeft in 2009 een beat van 93. Of iets daaromtrent. Mijn liedje duurt echter eindeloos, tijd bestaat niet meer als ik muziek maak, en de beat gaat alle kanten op want ik hou van een beetje afwisseling. Niet getreurd, dan maar gewoon de wereld in als nummertje tien van mijn experimentele muziekweblog Basso Continuo.

Wel met een internationale titel want je kunt nooit weten en aan de sfeervolle promotiefoto zal het ook niet liggen. I'll be back in autumn, multitrack improvisatie met piano en melodica. Gratis af te luisteren én te downloaden als MP3 bestand. Componist, musicus, opnametechnicus, productie, fotograaf: Bas Dekker. Lekker alles zelf doen.

Als je het liedje aardig vind moet je misschien ook eens naar de eerdere nummertjes luisteren want er staan nog wel een paar leuke dingen tussen voor wie mijn veeleisende muziekstijl kan waarderen. Ook allemaal gratis te beluisteren en te downloaden als MP3 bestand.

« november 2009 | voorpagina | september 2009 »

Bas Dekker 2006 - 2010