Piep, piep, hoor ik uit de studeerkamer van mijn vrouw. Ik meen een zorgwekkende ondertoon te horen dus ga eens even buurten. Op luchtige en verbaasde toon vertelt ze dat haar map met 'verzonden items' opeens leeg is. Ik schrik me een ongeluk, de virusellende op mijn eigen computer zit nog vers in mijn geheugen.
Mijn eerste veronderstelling is dat dit een gevolg is van de stroomuitval die we een week eerder hadden. Haar e-mailprogramma was waarschijnlijk op dat moment berichten aan het comprimeren en als dat geforceerd afgebroken wordt wil er nog wel eens wat mis gaan met Outlook Express. Ik ben op die manier laatst het complete email adresboek kwijtgeraakt.
In eerste instantie wordt mijn aanname verworpen, maar als ik aan het knutselen ga om te kijken of ik nog iets kan redden wordt duidelijk dat ik gelijk had. Eerst vind ik een back-up van alle emailmappen op mijn externe harddisk en met wat gegoochel kan ik de bewuste map terug zetten. Die back-up is aan de oude kant, dus er mist nog wel het een en ander.
Later vind ik een recentere kopie in de prullenbak. Daar staat een kopie van alle emailmappen die tijdens de laatste automatische comprimeer-sessie aan bod kwamen, alleen is de extensie .dbx vervangen door .bak. Een paar jaar geleden zou ik het verder ook niet meer geweten hebben, nu verander ik ijskoud de extensie weer in .dbx en simsalabim, alle verzonden berichten van 2002 tot 2008 zijn weer tevoorschijn getoverd.
Voor wie ook met Outlook Express werkt, om precies te zijn versie 6: wees gewaarschuwd. Deze versie wil graag af en toe de bestanden opschonen, het zogeheten comprimeren, en doet dat automatisch na afsluiten van het programma als er honderd sessies geweest zijn, ofwel na honderd keer openen en afsluiten.
Dat is op zich vast een goede zaak, maar tijdens dat comprimeren moet er niets mis gaan want dan wil het e-mailprogramma nog wel eens ernstig in de war raken. Dus als er bij ons email gecomprimeerd wordt gedragen we ons zoals je vroeger moest doen als er een LP gedraaid werd: SSSST, en niet zo hard STAMPEN! En blijf al helemaal met je fikken van de stoppenkast, want die stroomstoring, die veroorzaakte ik dus wel zelf.
Als ik niet in de weer ben als reddende engel annex systeembeheerder ben ik wel ergens buiten plat op de grond te vinden met een fototoestel en een macrolensje voor mijn snufferd. Ik heb de smaak goed te pakken de laatste weken en begin me af te vragen of ik misschien eens de stap moet maken naar een echte 'grote mensen' macrolens.
Tot nu toe red ik me tot tevredenheid met een Raynox voorzetlens die ik aan de voorkant van de telelens kan klikken. Een echte zelfstandige macrolens moet haast wel een beter resultaat geven, maar de combinatie die ik nu gebruik is zo handig en veelzijdig dat ik twijfel of ik daar wel afscheid van wil nemen.
Moet ik het gebruiksgemak van nu echt opofferen voor die laatste procent extra scherpte en kleurverbetering? Wordt ik daar echt wel gelukkiger van en, belangrijker nog, worden mijn foto's er in het geheel wel beter van? Want een goede foto is niet alleen hoge resolutie en perfecte kleuren, een goede foto is ook en vooral op het juiste moment genomen, toen het licht en de situatie optimaal waren. Dat beste moment wil na het wisselen van een lens wel eens verstreken zijn...
Mijn overstap van compactcamera met één superzoom lens die alles aan kan naar een spiegelreflexcamera met verschillende lenzen was een lastige waar ik geen spijt meer van heb, zoveel profijt heb ik wel van de grotere beeldchip, maar het verplichte lenzen wisselen blijf ik nog steeds een groot obstakel vinden.
Ik kon het tot nu toe aardig omzeilen door me per fotouitstapje tot één lens te beperken en het te doen met wat ik bij me heb, maar als er ook nog een macrolens bij komt is dat er niet meer bij. Ik betrap mezelf op de overweging om er dan misschien maar een tweede body bij te kopen en voortaan met twee toestellen op stap te gaan. Dat zouden er dan eigenlijk drie moeten worden, een macrotoestel, een landschapstoestel en een teletoestel.
Met het compacte en lichte spul van Olympus zou het kunnen, maar wat een geslinger en gebungel om je nek, ik moet er eigenlijk niet aan denken. Voorlopig hou ik mijn fotouitrusting nog maar even low weight en low budget.
Wanneer ik ooit als fotograaf zo gearriveerd raak dat ik mij een aantal dragers kan permitteren voor mijn exclusieve fotoexpedities over de Woldberg en De Eese zal ik mijn uitrusting nog eens heroverwegen. Dan komt daar ook een paraplu of partytent bij, want mijn niet-waterdichte camera heeft het vandaag in het druipende bos wel erg voor de kiezen gekregen.