Volkomen doelloos kruip ik weer eens in mijn Quest en ben benieuwd waar mijn voeten mij dit keer brengen zullen. Bij huis is het nog niet moeilijk kiezen, rechtsaf leidt naar een hufterig tegelpad dus die kant kies ik zeer zelden. Maar bij de rotonde net buiten onze wijk moet ik toch echt een knoop doorhakken.
Omdat ik nog steeds geen idee heb waar ik heen zou willen laat ik mijn handen en het stuur de keuze bepalen. Het wordt de tweede afslag en die leidt via een ingewikkelde omweg naar de Weerribben. Ik had er ook rechtstreeks heen kunnen fietsen maar zoveel daadkracht bleek te veel gevraagd.
De omslachtige route voert mij echter wel langs een boom in Steenwijkerwold die ik een poosje terug voor het eerst in de smiezen kreeg. Ik fotografeerde hem toen het eigenlijk al te donker was, nu is er licht genoeg en de lucht mag er ook zijn vandaag, dus ik neem mijn kans waar.
Het is nog vrij vroeg en het waait hard en doordat ik een poosje buiten de fiets in mijn shirtje op de zon heb staan wachten ben ik behoorlijk afgekoeld als ik weer verder rij. De klim naar Steenwijkerwold misbruik ik om weer een beetje op temperatuur te komen.
Even verderop zie ik een schuurtje dat wat mij betreft zo naar het openluchtmuseum kan. Daar is het vast niet antiek en authentiek genoeg voor maar ik vind het een plaatje. Omdat de zon zich weer achter de wolken verstopt moet ik ook hier een poosje wachten op het juiste licht. Dat doe ik nu echter wijselijk in de fiets in plaats van buiten te lopen blauwbekken.
Wanneer de zon bijna doorbreekt spring ik uit de fiets en neem snel mijn positie in. Een paar tellen later breekt de zon inderdaad door en kan ik mijn plaatje maken. Als ik me omdraai om naar de fiets te lopen komt er als een duveltje uit een doosje een boer met een kruiwagen uit het schuurtje.
Met onmiddellijke ingang zijn alle opnames die ik zonet nog fantastisch vond afgekeurd, dit is pas het echte werk. Ik durf maar één foto te maken want ik ben als de dood voor een lastige discussie waarbij ik ter plekke die foto weer moet wissen en dat wil ik bij deze opname graag voorkomen.
Dit is echt zo'n foto die er al was voordat ik bestond en die ongetwijfeld al door velen voor mij gemaakt is. Een ander schuurtje, een ander boertje, maar dit beeld is bijna een archetype. Ik voel me gesterkt door het bemachtigen van dit juweeltje en fiets vol goede moed en voornemens weer verder.
In de Weerribben is het vandaag een saaie boel. Ik raak nog even met een zwaan in discussie of hij op de foto wil, maar na wat dralen en flirten kiest ie uiteindelijk toch voor een paar lekkere happen kroos en laat mij voor schut staan. Voor de bloeiende waterlelies heb ik niet de juiste lens bij me dus die kan ik ook al overslaan.
Even voorbij het plaatsje Nederland beproef ik mijn geluk dan maar met een paar zwanenbloemen, die blijven tenminste op hun plek staan. Tenminste, normaal doen ze dat, maar de wind gaat hier vandaag zo tekeer dat zelfs de bloemen alle kanten op huppelen. Ik laat me echter niet gek maken en pak de zwanenbloem met mijn ene hand vast terwijl ik met de andere hand de camera bedien.
Even twijfel ik of ik de zeedijk richting Kuinre zal nemen maar ik laat me alsnog intimideren door de wind en kies voor een weg door de polder. Ook daar waait het flink, maar niet zo verraderlijk als bovenop de oude zeedijk.
In de polder zie ik jongeren bezig met de aardbeienpluk. Ik maak wat foto's en moet denken aan mijn eerste vakantiebaantje dat ik ooit deed. Na de eerste dag plukken zat ik 's avonds tijdens het journaal in gedachten het hoofd van Fred Emmer te plukken. Ik had gewerkt als een beest en het leek met mijn tomeloze inzet een lucratief baantje te worden, maar ik werd er wel een beetje vreemd van in mijn hoofd.
Toen ik op dag 4 zag hoe andere kinderen werden afgebekt en afgebeuld was ik opeens genezen van mijn geldzucht. Zoveel onrecht werd mijn gevoelige ziel te veel dus ik rekende af en vertrok. Tussen mij en de harde werkelijkheid is het sindsdien eigenlijk nooit meer helemaal goed gekomen en het vreemde hoofd is een hardnekkig blijvertje gebleken.
Mijn harde werkelijkheid van nu is dat ik weer in de fiets moet stappen en tegen de wind in naar Kuinre moet worstelen. Dat kan ik nog wel hanteren. De wind zou in de loop van de dag afnemen maar doet dat ongetwijfeld pas als ik weer thuis ben. Wat maakt het ook uit, ik heb immers een echte fiets en als je de wind echt zat bent ga je gewoon de andere kant op fietsen.
Thuis zit er op het terras iemand op me te wachten. Het is een oude bekende die ieder jaar in de zomer wel een paar keer langswipt. Omdat het in dit geval om een vlinder gaat kan het helemaal geen oude bekende zijn maar zo voelt het toch echt. De vlinder lijkt altijd even tam en gaat soms op mijn schouder of hoofd zitten als ik aan het fotograferen ben.
Dit exemplaar maakt me zelfs ronduit belachelijk door op de macrolens te gaan zitten terwijl ik machteloos sta toe te kijken. Even later maakt de vlinder zijn flauwe apenstreken helemaal goed door me een uitgebreide fotosessie te gunnen waar ik dankbaar gebruik van maak.