Omdat niemand schreef dat ze niet om aan te zien waren doen we dat met die bewogen foto's nog eens dunnetjes over. 'We' zijn mijn camera en ik. Hoelang dit redelijk succesvolle duo nog eendrachtig plaatjes produceert is overigens de vraag want de nieuwe Olympus E30 lacht me af en toe wel heel verleidelijk toe en de eerste serieuze recensies zijn zeer hoopgevend.
Heb ik hem echt nodig om betere foto's te produceren, vraag ik mijzelf dan meteen diep calvinistisch af. Welnee, er zijn legio creatieve oplossingen om de paar beperkingen van mijn E510 te omzeilen.
Laten we het bijvoorbeeld eens over de ruisgevoeligheid hebben, dat is echt wel de achilleshiel van dit verder voortreffelijke toestel. Wanneer je de gevoeligheid van deze camera opdraait om het invallende avondschemer te compenseren raak je al snel verzeild in teleurstellende zeeën van niet bestaande beeldpuntjes in rood, blauw en groen die de beeldchip er uit eigen beweging bij verzonnen heeft. Ruis heet het en mits in royale mate opgediend is het werkelijk niet om te vreten. Nou, daar weet de E510 op iso 400 en hoger wel raad mee hoor.
Er zijn twee oplossingen maar beiden vragen wel om een enigszins flexibele instelling. Wie per se een wegschietende ree in avondschemering haarscherp wil fotograferen kan zijn heil beter zoeken in een Nikon of Canon met grote beeldchip maar moet me vervolgens niet aan de kop gaan zeuren dat zijn apparatuur niet meer te tillen is. Zelf hoef ik geen haarscherpe ree in avondschemering en ik heb nog minder behoefte aan een niet te tillen rugzak met fotoapparatuur. Ik wil alleen maar vastleggen wat ik onderweg voor aardigs ontmoet.
Dat is dus eigenlijk al de eerste oplossing: leg je neer bij de beperkingen van je materiaal en haal er vervolgens uit wat er dan toch in elk geval wel allemaal inzit. Oplossing twee is om niet het gehele eisenpakket maar slechts een deel ervan te laten vervallen. Van de eis 'wegschietende en toch haarscherpe ree in avondschemering' laten we dan bijvoorbeeld de deeleisen 'haarscherp' en 'ree' vallen en komen als vanzelfsprekend uit op 'vage wegwandelende bomen in avondschemering'.
"Je moet er net van houden" zegt mijn vrouw als ik haar de verrassende resultaten van mijn laatste experimenten toon, waarna ik er verder maar in mijn eentje van hou. Hoewel daar maar weinig tijd voor is want met het uitwerken en publiceren van al mijn foto's loop ik nog steeds hopeloos achter. Ik begin te betwijfelen of ik die achterstand ooit nog ga inlopen en vrees de rest van mijn leven amechtig achter mijn eigen productiviteit aan te moeten hollen. Het maken van een foto is binnen een fractie van een seconde gedaan maar daarna begint pas het echte werk.
In dit verwerkingsproces moet keihard ingegrepen worden. Het gepriegel aan foto's op de vierkante millimeter moet nu eindelijk eens afgelopen zijn want zo schiet het dus niet op. En verder moet ik misschien eens wat minder vaak op de ontspanknop drukken want daar ligt natuurlijk de diepere oorzaak van alle problemen. Verder moeten de toelatingseisen tot het archief weer verder aangescherpt worden (waarbij de beeldscherpte juist steeds meer een ondergeschikte rol gaat spelen, maar dat terzijde) en dient er thuis nog meer materiaal afgekeurd te worden. Dus van drie schitterende foto's van een windmotor met zonlicht gaan er twee weg, ook al zijn ze elk uit een andere hoek genomen en eigenlijk allemaal even interessant. Het moet want het kan niet anders want ik loop om hier.
Als een bezetene ga ik aan de slag en werk de ene archiefmap na de andere uit waarna ik alles keurig beschreven op de beeldbank publiceer. Mijn vrouw ziet de rimpels dagelijks verder uitdiepen en probeert me tot de orde te roepen. "Zeg fotograagje, het is zo ongeveer de bedoeling dat je dit voor je plezier doet, weet je nog?" Oh ja, dat is ook zo, ik was het in alle drukte even vergeten.
Waarna ik de productielijn van mijn fotofabriekje weer snel opstart en me met evenveel ijver en enthousiasme op de volgende serie zeer lastige opnames werp. De kleur neigt iets te veel naar magenta dus dat wordt weer ploeteren en er liggen er nog duizenden zo te wachten. Mijn vrouw wordt er moe van en zelf word ik af en toe ook wat draaierig maar diep van binnen, het klinkt misschien gek, betrap ik mezelf heel af en toe op een onbekend gevoel van diep geluk. Oei, als dat maar goed komt met deze aartscalvinist.