Eindelijk ga ik dan het genoegen smaken dat in mijn nabijheid een groepje hondsbrutale mountainbikers door de boswachter op de bon wordt geslingerd. Precies op het moment dat de stoute crossertjes langs het niet mis te verstane bordje de Woldberg op willen rijden verschijnt daar uit het niets de grote boze boswachter in zijn stoere auto.
Voor de boswachter is het vandaag niet zo moeilijk om uit het niets te voorschijn te komen want ook midden in het bos is de mist ruimschoots aanwezig. En ik, ik zit braaf op mijn hurken en fotografeer een bosweggetje met heel veel mist als ik achter me de boswachter hoor roepen dat de heren maar eens even moeten stoppen.
Tot mijn teleurstelling, ik ben van binnen echt een verschrikkelijk zielig ventje maar vertel daarmee waarschijnlijk niets nieuws, worden er vandaag geen bonnetjes uitgeschreven en blijft het bij een gemoedelijk corrigerend praatje waarna de fietsers toch maar een andere kant op gaan.
Die gaan zo op hun tweede rondje waarschijnlijk alsnog de verboden Woldberg over want zo'n on-Nederlandse hobbel in het landschap is natuurlijk veel te leuk om overheen te crossen. Ik begrijp het allemaal wel, heus wel, maar heb er gewoon een schurfthekel aan om door opgefokte mountainbikers van het wandelpad gebruld te worden. Want daar komt het in de praktijk meestal toch op neer, op brullen en snuiven als een rotte wilde zwijnen.
Het is vandaag een bijzondere dag, niet alleen vanwege de niet uitgeschreven bekeuring of de hardnekkige mist die aardige sfeerplaatjes mogelijk maakt, maar meer nog doordat de mensen zo ongewoon vriendelijk en enthousiast reageren als ze mij bezig zien. Je zou haast gaan denken dat ik minder zuur en chagrijnig uit mijn ogen kijk maar daar geloof ik eerlijk gezegd niets van. Ik ben ik en zo staat mijn kop nou eenmaal, zeker zolang ik me met maar één camera moet behelpen.
Ik maak een praatje hier en ik maak een praatje daar, het is gewoon niet te geloven hoe enthousiast en onderhoudend ik vandaag met wildvreemden in het mistige bos sta te keuvelen. Ik maak zelfs, het is echt volkomen tegen mijn principes, een ontspannen praatje met mensen die hun hond los laten lopen waar dat niet mag. Ik snap er werkelijk niets van en krab me eens flink achter mijn oren. Daardoor valt mijn muts op de grond en dan heb ik het raadsel ineens opgelost. Hoe kon ik het over het hoofd zien, het is mijn muts!
Ik heb vandaag voor de eerste keer weer een muts op en koos voor mijn gloednieuwe zondagse. Tot nu toe liep ik altijd rond te banjeren met een rood gestreept puntloos kaboutermutsje maar vandaag heb ik voor het eerst mijn echte groene fotografenmuts op. Het is een stoere dikke legergroene muts met in gouden stiksel het woord Texel er op geborduurd.
Gekocht in een benauwd Texeler strandtentje op een snikhete zomerdag bij strandafslag nummer zoveel. De muts was het goedkoopste nuttige aandenken dat ik kon vinden en het leek me wel aardig om elders in het land onbezoldigd reclame te gaan maken voor dit fantastische waddeneiland.
En nu dus dit. Iedereen die mij ziet lopen weet opeens dat het me ernst is maar dat ik op zijn tijd ook best van een pleziertje hou, want zo is Texel helemaal. Niks geen zure zultkop of bokkenpruik, zelfs als ik die al op had zouden mensen er overheen kijken want op mijn muts staat immers in gouden letters TEXEL.
Texel is vakantie, mooi weer, lekker eten, strand en zee oftewel Texel is fijne herinneringen. Daar wordt iedereen gelukkig van, zelfs als je er nog nooit geweest bent. Die Texeler tovermuts, die hou ik er maar in geloof ik, al was het alleen al omdat mijn eigen humeur er zo enorm van opknapt. Zelfs met maar één camera om mijn nek.